Boomverzorger, boomchirurg of boomdokter: hoe heet dit vak?

Wij kunnen in Google nakijken met welke woorden mensen bij ons terechtkomen. In de laatste drie maanden stonden er negen verschillende in die lijst. Boomverzorging, boomverzorger, boomchirurg, bomenspecialist, bomenexpert, boomdeskundige, boomhakker, boomchirurgie en boomdokter.

Negen woorden voor één vak. Er staat ook geregeld een letterlijke vraag bij. Wat is een boomverzorger. Wat betekent arborist. Hoe noem je iemand die bomen snoeit.

Het is dus een eerlijke vraag, en het antwoord is minder ingewikkeld dan die negen woorden doen vermoeden.

De meeste van die woorden betekenen hetzelfde

Boomverzorger is de naam die in Vlaanderen officieel gebruikt wordt. Er bestaat een erkende beroepskwalificatie met die naam, met een omschrijving van wat je moet kennen en kunnen. Dat is een beschrijving van het beroep. Het is geen beschermde titel. Boomverzorging en boomzorg zijn twee woorden voor het werk zelf.

Wat een boomverzorger doet, is bomen beoordelen, snoeien, vellen of demonteren, en de plek waar ze staan verbeteren. Meestal klimmend. Vanuit de boom zie je wat je van op de grond niet ziet.

Arborist komt van het Latijnse arbor, dat boom betekent. Het is vooral een Engels woord, en je komt het bij ons tegen in namen van organisaties. Een van de Belgische vakverenigingen heet de Belgian Arborist Associations.

Voor bomenexpert, bomenspecialist en boomdokter bestaat geen examen en geen lijst. Het zijn woorden die bedrijven kiezen omdat mensen erop zoeken.

Boomhakker hoort in dat rijtje thuis, maar met een andere lading. Wie dat intikt, wil meestal een boom weg.

Boomdeskundige is de uitzondering. Dat woord wordt gebruikt voor iemand met een European Tree Technician-certificaat. Bomen Beter Beheren, de organisatie die de examens in België organiseert, houdt een lijst bij van wie dat certificaat heeft. Daarbij staat dat je er een boomdeskundige uit je eigen regio kan vinden.

En iemand die snoeit tegenover iemand die velt? Dat is dezelfde persoon. Er bestaat geen apart woord voor, en dat zegt iets. Snoeien en vellen zijn twee handelingen binnen hetzelfde vak, en de afweging welke van de twee nodig is, hoort er ook bij.

Waarom de boomchirurg verdwenen is

Boomchirurg is het woord dat het langst blijft hangen. Het staat nog op websites en het duikt nog op in vragen die wij krijgen.

Boomchirurgie was een echte werkwijze. Holtes werden uitgekrabd en soms volgegoten met beton. Rot hout werd weggezaagd tot er gezond hout tevoorschijn kwam. Snoeiwonden werden afgedekt met verf of teer. Bomen werden bijeengehouden met starre stalen constructies die geen beweging toelieten.

Dat gebeurde met de beste bedoelingen. Met de kennis van toen leek het logisch om een boomwonde te verzorgen zoals je een wonde bij een mens verzorgt. Daar komt het woord chirurg vandaan.

In de jaren zeventig kwam er onderzoek dat een ander beeld gaf. De Amerikaanse onderzoeker Alex Shigo toonde aan dat een boom aangetast hout zelf afgrendelt. Hij zet er een grens omheen en groeit daarbuiten gewoon verder. Dat is een heel andere manier van werken dan die van een dokter die iets wegneemt.

Daarmee vielen de handelingen uit de boomchirurgie een voor een weg. Wie een holte uitkrabt, beschadigt makkelijk de grens die de boom zelf gemaakt heeft. Achter een afgedekte wonde blijft het vochtig, waardoor ze niet kan indrogen. Verankeren doen we nog steeds, maar met systemen die de boom laten bewegen.

De kijk op boomwonden is daardoor helemaal gedraaid. Boomverzorging kwam in de plaats van boomchirurgie. Daarna kwam er kennis bij over hoe een boom mechanisch in elkaar zit, en dat heeft het vak opnieuw veranderd.

Wij zien de gevolgen van die periode nog. Het beton zit nog in de bomen. In de Vlaamse cursus boomcontrole staat boomchirurgie intussen in de lijst van dingen die je bij een boom kan vaststellen, tussen oude snoeiwonden en wondafdekmiddel. Het is geen beroep meer. Het is iets wat je aantreft.

Boomverzorger of tuinaannemer

Dit zijn twee verschillende vakken. Het ene ligt niet boven het andere. Een tuinaannemer onderhoudt een tuin. Wij werken aan de boom zelf, en we kijken naar wat die boom nodig heeft.

Daarmee is niet gezegd dat de ene het beter doet dan de andere. Er zijn tuinaannemers die zorgvuldig met bomen omgaan. En er zijn mensen die zich boomverzorger noemen en niet mee zijn met wat er de laatste jaren bijgekomen is.

Dat kan, want het woord ligt niet vast. Boomverzorging is trouwens nooit een gereglementeerd beroep geweest, en sinds 1 september 2018 moet je in Vlaanderen zelfs geen attest basiskennis bedrijfsbeheer meer voorleggen om een zaak te starten. Iedereen mag zich boomverzorger noemen, en dat doet ook iedereen.

Wat een certificaat zegt, en wat niet

Het European Tree Worker-certificaat, kortweg ETW, is het certificaat voor de uitvoerende boomverzorger. Je behaalt het met een examen onder toezicht van de Europese koepelorganisatie voor boomverzorging. Het is drie jaar geldig. Daarna moet je aantonen dat je in twee van die drie jaar echt als boomverzorger gewerkt hebt, en dat je dertig uur bijscholing gevolgd hebt.

Het European Tree Technician-certificaat, ETT, ligt op het adviserende en leidinggevende niveau. Dat gaat over beoordelen, onderzoeken, beheersplannen maken en werven begeleiden. Dat is wie in Vlaanderen een boomdeskundige genoemd wordt. Het onderscheid tussen uitvoerend en adviserend zegt niets over hoeveel iemand van bomen weet. Het zegt waar zijn werk ligt.

VETcert is een specialisatie in oude bomen. Het gaat over het beheer van veteraanbomen, over holtes, dood hout, en het ondersteunen van processen die vanzelf gebeuren. Ook VETcert bestaat op een uitvoerend en op een adviserend niveau.

En dan het belangrijkste. Een certificaat is een startpunt. Het zegt dat iemand zijn vakbekwaamheid heeft moeten aantonen voor een jury, dat hij in het vak blijft werken en dat hij zich blijft bijscholen. Dat is geen kleinigheid. Een garantie voor wat er vandaag in jouw tuin gebeurt, is het niet. Er zijn gecertificeerde boomverzorgers die werken op een manier die wij niet zouden kiezen, en er zijn mensen zonder papieren die zorgvuldig met bomen omgaan.

Wat wel telt, is of iemand blijft bijleren. Dit is een jong vak op het vlak van onderzoek. Er komen voortdurend nieuwe inzichten bij, en een deel van wat wij tien jaar geleden geleerd hebben, doen we nu anders. Dat bijleren gebeurt via cursussen, boeken en artikels, en door met collega’s te praten.

Daarvoor bestaat er in Vlaanderen een vakvereniging, Bomen Beter Beheren. Zij organiseren het jaar door studiedagen en arboweekends, waar boomverzorgers samenkomen rond een onderwerp. Op hun site staan ook de lijst van ETW-gecertificeerde boomverzorgers en de lijst van ETT’ers in België, gesorteerd op postcode zodat je iemand in je eigen streek vindt.

Heb je een boomdeskundige nodig? Voor de meeste vragen in een tuin niet. Veel mensen willen vooral weten of hun boom nog in orde is. Daarvoor kijken we naar zijn gezondheid en naar zijn stabiliteit, en dat gebeurt gewoon ter plaatse bij de boom. Meestal volstaat dat om te weten waar je aan toe bent.

Het wordt anders wanneer er gebouwd wordt, wanneer er een discussie is over een boom, of wanneer een gemeente of een verzekeraar iets op papier wil. Voor uitgebreider technisch onderzoek werken wij samen met collega’s die daarin gespecialiseerd zijn.

Korte vragen hierover

Waar deze tekst op steunt